Het verhaal van Villa Volta

Hoe verloopt de eerste voorshow?

Villa Volta is een mad house.  Een mad house is een attractie dat een illusie geeft dat je je bevind in een huis dat over zijn kop gaat. 

Je stapt in een verhaal uit de 18e eeuw dat over de Bokkenrijders gaat. De burgers van Limburg en Brabant vreesden de Bokkenrijders! 

In de eerste kamer (voorshow 1) hoor je het verhaal.  

“In het midden van de 18e eeuw overspoelde golven van geweld onze Brabantse Kempen en het Limburgs platteland. Horde van gewetenloze boevenpak trokken plunderend en brandstichtend door onze vredige dreven. Zij noemden zich de Bokkenrijders, naar schimmige luchtgeesten die volgens middeleeuwse mythe op Bokken hebben gezeten, door onze nachtelijke hemels zweefde en zelfs afgesloten huizen konden binnen dringen.”

Dorpsvrouw: “De Bokkenrijders, addergebroed (boosaardige mensen) dat zijn ze! Ze moeten ze uitroeien met wortel en pak, dat moeten ze."

Dorpsheer: “Ja dat is zeker Marie dat is zeker.”

Boer: “Ik heb gehoord dat ze de stee van Arjan de stoere hebben platgebrand en alles van waarde hebben meegenomen.”

Bang vrouw: "Oh ja het is toch niet waar he?" 

Dorpsvrouw: “Addergebroed dat is.”

Bang vrouw: “Ze zeggen dat hun ogen licht geven in het donker en dat ze zo snel zijn dat hun noodlot u treft als de donder.”

Dorpsvrouw: “Gezwets dat zeg ik u, achterbaks gepeupel dat met lage streken het gewone volk ligt. Laat ze dat landheer maar eens beroven dan komen ze van een koude kermis thuis."

Het verhaal wordt dan vervolgt: 

“De mythe verhaalt dat dit duivelse leger van Bokkenrijders hun einde vond in een gruwelijke slag hoog in de hemelen boven de postelse abdij. 60 lange jaren oefende de bende een waarschrik bewind uit over plattelandsbevolking. Hun satanische gildeteken een bokkenpoot vervulde ieder in huiver en angst.”

Dorpsheer: “Vervloekt zijn die Bokkenrijders, de parasieten van deze streek en den Hugo in het bijzonder.”

Dorpsvrouw: “Het is een goddeloze doerak die Hugo, met zijn lange zwarte manen is hij de duvel gelijk, wanneer hij in de buurt is bent ge uw leven niet zeker.”

Bang vrouw: “Om nog te zwijgen over haven en goed!”

Dorpsvrouw: “Zelfs de grendels voor de val deuren houden hem niet tegen.”

Bang vrouw: “Ach heren wie zal ons kunnen verlossen van zulken kwelgeesten?”

Dorpsheer: “Een godslasterlijke bandiet dat is zeker maar bedenk wel, hoogmoed komt voor de val!”

Boer: “Dat kan wel zijn dorpsheer maar voorlopig trek hij zich er niks van aan.”

Dorpsvrouw: “Als jongeling deugde die al niet. Altijd tegen het geheur in(geheur is gehoor). Zag het toen al aan komen dat hij een deugniet zou worden.”

"Hoort hier het verhaal van Hugo, Hugo van den Loonse duinen die zich bij dit gemene pak van rovers aansloot, een man zonder enig mededogen bezeten van een tomeloze hebzucht en gier naar geld: Hugo de Bokkenrijder."

Voorshow 2 komt volgende keer en gaat over Hugo van den Loonse-Duynen. 

 

Tekst Emiel de Bruijn

Augustus 2021

-

--


Reacties (0)

Reactie toevoegen +