Een interview met Paul-Jan Heijnen

Vertrouwensfunctie of risicobeschermer?

Robert: Hoe lang werkt u al voor Radar?

Paul-Jan: Sinds 15 maart van dit jaar.

Robert: Wat doet u zoal voor een werkzaamheden?

Paul-Jan: Binnen Radar ben ik aangesteld als functionaris gegevensbescherming. Ik neem de functie over van Jeroen van Can. Ik werk 1 dag in de week. Op dit moment bestaan de hoofdwerkzaamheden uit:

  • Wat speelt er op dit moment?
  • Waar kan ik op inspelen, zoals het verbeteren van overeenkomsten tussen Radar en partners op het gebied van software.
  • Maar ook zorgen voor bewustwording. Dus dan is de eerste opzet al geslaagd, dat jullie mij vroegen om toestemming te hebben.
  • Samen met de aandachtsfunctionarissen het veiligheidsbeleid over persoonsgegevens verder kunnen uitbreiden.
  • En natuurlijk jullie te woord staan, wat ik heel erg leuk vind van het Cliëntenweb. Want ik had er nog niet van gehoord. Dus voor mij is dat nieuw. Dat vind ik eigenlijk wel leuk aan Radar: een mensgerichte organisatie waar spontaan nieuwe dingen naar voren komen. 

En natuurlijk verder inwerken in alles wat er speelt. Bijvoorbeeld in Brunssum is er een vraag voor een deurbel voor in de gang voor als de medewerkers achter in het gebouw zijn. Zij kunnen dan zien wie er staat of dat iemand in nood is. Dat is even uitzoeken, zo'n bel koop je niet zomaar bij de Mediamarkt. 

Robert: Doet u ook overleggen met anderen?

Paul-Jan: Dat is een goeie vraag. Ik heb overleg met Peter Eck, een van de directeuren. En Jeroen van Can natuurlijk, de inkoopafdeling en de afdeling ICT over bijvoorbeeld nieuwe zaken die aangeschaft moeten worden. Het is ook heel erg belangrijk dat ik eigenlijk in de hele organisatie mensen ga leren kennen, zodat je veel gemakkelijker met elkaar in gesprek kan komen. Ik zou het ook wel leuk vinden om een keer bij jullie op locatie te gaan, hoe dat daar werkt. Ik wil de verbinding met de mensen op de werkvloer, met cliënten. Een levendig beeld krijgen van de organisatie.

Robert: De ontwikkelingen staan niet stil, gaan altijd door, he?

Paul-Jan: Ja, het gaat nu wat dat betreft naar een nieuwere tijd. Nu werken we al veel meer met beeldbellen. En we krijgen ook steeds meer technologie wat het gemakkelijker maakt om te kunnen functioneren voor mensen. Bijvoorbeeld met robots.
En we krijgen steeds meer te maken met hele grote datasystemen. Alles wat op je smartphone staat en wat je daarmee kunt doen, dat wordt steeds uitgebreider. Het is dan ook belangrijk dat je niet al je gegevens met iedereen gaat delen. Want er zijn ook heel handige commerciële bedrijven die denken van: "Ha, ik weet alles van Robert! Weet je wat? We gaan hem eens reclame sturen of we gaan zijn naam doorsturen naar andere organisaties". Daar moet je wel een beetje voor opletten.

Robert: Ja. We zijn op een ander onderwerp terecht gekomen. Dat is leuk om eens over te brainstormen, over intelligentie en dat robots worden ingeschakeld. Ik heb ook een artikel gelezen over robots, en dat die bijvoorbeeld mensen kunnen helpen met hun gezondheid en zo…

Paul-Jan: Die zijn er al deels. Je hebt een sprekende robot voor mensen die alleen zijn, bijvoorbeeld in een verzorgingstehuis. En in Japan en Amerika die sprekende mensrobot-achtigen die jouw stem herkennen en jouw taal kunnen spreken. Zodat je niet in je eentje hoeft te koken of te eten. Daar kun je een eenvoudig gesprek mee beginnen. En bij mezelf denk ik: ik heb dit weekend gepoetst; zo gauw als er een poetsrobot is, schaf ik hem absoluut aan. Dan hoef ik hem maar te programmeren, hoop ik en als ik thuis kom, staat het eten op tafel, heeft hij misschien ook een keer gezogen of afgewassen. Dat zou ik heel fijn vinden, haha…
Dat heeft ook allemaal met AVG te maken, de vernieuwingen. Het is niet alleen het saaie papierwerk, maar er komen een heleboel nieuwe dingen bij kijken.

Robert: Daar wil ik graag een keer uitgebreid op terug komen.

Paul-Jan: Ik verleen graag mijn medewerking. Dat vind ik leuk.

Robert: Kunt u uitleggen wat AVG is?

Paul-Jan: Het betekent Algemene Verordening voor Gegevensbescherming.
Het is belangrijk hoe je informatie opslaat, dat het niet door iemand gehackt kan worden. Dat het binnenshuis blijft.

Robert: OK. Beschermt u de gegevens van alleen de cliënten of ook van het personeel?

Paul-Jan: Alles van de hele organisatie: cliënten en personeel; alle medewerkers die op welke manier dan ook verbonden zijn met Radar. Maar ook als je contracten hebt met leveranciers, of andere partijen: ziekenhuizen, artsen, psychologen, noem maar op.

Robert: U heeft eigenlijk een vertrouwensfunctie?

Paul-Jan: Ja, dat vind ik wel een heel goede opmerking! Ja, ja!  Dat is waar ja. Een vertrouwensfunctie en een soort risicobeschermer.

Robert: Hoe beschermt u de gegevens? Hoe ziet het eruit?

Paul-Jan: Ja, dat kan ik je niet letterlijk laten zien. Er zijn programma’s waarin jouw naam en telefoonnummer, adres of je e-mailadres staan. Ook van de medewerker. En daarin kun je dus de zaken die over jou gaan, vastleggen. Bijvoorbeeld jouw medische dossiers, wat erin staat, met wie je wat hebt gedaan. Dat wordt ook beveiligd. Soms wil je weten welke gegevens ze over je verzameld hebben. Dat kun je dan opvragen. Door de IT wordt dat beveiligd, zodat er niemand kan inbreken, kan hacken of wat dan ook.

Robert: Moet de begeleider toestemming vragen als hij privé-zaken van de client wil bespreken met anderen?

Paul-Jan: In principe moet dat wel geregeld zijn, dat spreken we van tevoren af: Wie heeft toestemming om in jouw dossier te kijken en welke gegevens mogen worden uitgewisseld? Of dat nou elektronisch is of op papier. De rechten van de persoon die zijn wel erg belangrijk in deze wet.

Robert: Als de client niet meer in staat is om toestemming te geven, bijvoorbeeld door een lager niveau of dat hij psychisch ziek is, geldt die regel dan ook gewoon?

Paul-Jan: Ja, want dan is de client minder handelingsbekwaam. Dan gaat de persoon die verantwoordelijk is de zaken voor die persoon regelen. Maar het wordt wel vastgelegd. Dat is wel heel belangrijk, want je werkt tenslotte met medische of psychologische gegevens.

Robert: Wat is hacken, cybercrime en cyberattack? Wat doen jullie daaraan?

Paul-Jan: Nou ja als jij voor mijn deur staat dan kijk ik eerst of jij betrouwbaar bent haha!
Zo moet je het eigenlijk zien. De deur bewaken zal ik maar zeggen.
Cyberhacking is eigenlijk inbreken. Bijvoorbeeld als de achterdeur op slot is, probeert een inbreker binnen te komen en dingen te ontfutselen. Bij een computer gebeurt dat ook. Er zijn allerlei systemen voor om dat zo moeilijk mogelijk te maken voor hackers.
Je logt bijvoorbeeld in met een gebruikersnaam en een wachtwoord en krijgt dan ook nog een extra nummer op je telefoon gestuurd. Eigenlijk een drie dubbele bewaking. Vroeger had je een kasteel met een buitenmuur en een binnenmuur en nog een stukje bescherming, daar zou je het mee kunnen vergelijken. Dat het bewaakt wordt met drie soorten muren.

Robert: Een heel moeilijk wachtwoord verzinnen bijvoorbeeld...

Paul-Jan: Ja, je moet het ze zo moeilijk mogelijk maken om binnen te komen om gevoelige gegevens te stelen zoals ze dat hebben gedaan in het ziekenhuis van Den Haag. En vorig jaar bij de universiteit van Maastricht.
Heel apart, een inbreker zie je maar een hacker zie je niet. Het kan iemand zijn van een land hier ver vandaan, maar het kan ook iemand van hier om de hoek in Belfort zijn. Het is dan ook beter om niet je wachtwoorden of je telefoonnummer in een app te zetten. Je moet wel een beetje voorzichtiger omgaan met je gegevens en steeds beter opletten.
Ik zou zelfs jouw hoofd kunnen kopiëren en dat op het hoofd van Messi zetten.

Robert: Dat is ook een privacy probleem wat tegenwoordig speelt en in China is dat nog veel erger, daar werken ze met gezichtsherkenning, heel griezelig allemaal.

Paul-Jan: Dat moeten we zoveel mogelijk zien te voorkomen. Door de vernieuwingen die er komen kan ik jou iets laten zeggen wat je niet heb gezegd.
Het is niet makkelijk om dat te beveiligen. Een voorbeeld is dat ze een filmpje hebben gemaakt van Obama waarin het lijkt alsof die echt Obama is, maar hij zegt dingen die hij niet zou zeggen en niet gezegd heeft.  Je kunt er leuke grapjes mee maken, maar als het naar buiten gaat dan is het niet zo prettig.

Robert: Het is iets waar deskundigen mee aan de slag moeten gaan of al aan de slag mee zijn.

Paul-Jan: Dat gebeurt inmiddels natuurlijk.

Robert: Er zijn ook mensen die grapjes maken op internet zoals bijvoorbeeld over Willem-Alexander en Maxima. Dan zeggen ze ook iets wat ze niet echt hebben gezegd en dan is het om te lachen.

Paul-Jan: Dan is het duidelijk dat het niet echt is.  Zo is er ook een filmpje geweest dat ze in Griekenland zijn geweest. Ze hebben gewoon de beelden genomen zoals ze zijn en hebben er andere bewegingen en woorden in gezet. Je moet dan heel scherp zijn van, is dat echt of is dat onecht? Dat is meer voor te lachen en de fun.

Robert: Hebben cliënten altijd het recht om in hun dossier in te kijken?

Paul-Jan: Cliënten die  betrokken zijn hebben het recht om erin te kijken. Bij minder toerekeningsvatbare cliënten mag dat misschien een begeleider of wettelijk vertegenwoordiger. Het moet alleen worden vastgelegd.

Robert: En soms komen er nog vragen van een cliënt. Dat kunnen ze toch ook vragen aan hun begeleider?

Paul-Jan: Ja, absoluut, het is een vertrouwenspersoon. Je mag ook het vertrouwen niet schenden.
Daarom is dat ook vastgelegd. Als iemand kwetsbaar is, dan mag daar geen misbruik van gemaakt worden.
En dingen die je niet begrijpt, mag je ook aan mij vragen of je begeleider neemt contact met mij op.

Robert: Ik ben door de vragen heen. Bedankt voor het interview.

Paul-Jan: Ik vond het hartstikke leuk. En als je het nog een keer wil doen over de andere dingen waar we het over hebben gehad of eens samen met ICT dat lijkt me leuk om te doen.

  Interview en tekstverwerking Robert van Deyl

  Tekstverwerking Erwin Hoenjet

Juli 2021


Reacties (0)

Reactie toevoegen +