Interview met Maria Rutgers

Oud-directeur van Radar

Emiel: "Hoe heet u en hoe jong bent u?"
Maria: "Mijn naam is Maria Rutgers en ik ben 67 jaar jong."

Maria zegt dat ze heel gelukkig en gezond is. Ze begon in 1992. Ze was 38 jaar toen ze bij Radar ging werken. Eerst was ze adjunct-directeur. Ze volgde meneer Princen op.

Zij startte niet bij Radar, maar bij Jan Baptist. Daar startte zij het avontuur, want in 1992 heette Radar nog Stichting Jan Baptist. In Heerlen, Kerkrade en Hoensbroek en omgeving was het Stichting Welzijnszorg.
In 2001 zijn Stichting Jan Baptist en Stichting Welzijnszorg gefuseerd. Dat betekent dat ze samen zijn gegaan. Toen werd Radar geboren.

Maria vertelt: "Toen ik op de pedagogische academie zat, heb ik stage gelopen op een lom school. Een lom school (ik weet niet of dat nog bestaat, het heet nu speciaal onderwijs) daar zaten kinderen met een beperking en daar werkte ik heel graag. Maar ik heb eerst allerlei andere dingen gedaan. Toen zag ik een advertentie staan voor een directeur voor Jan Baptist. Jan Baptist zorgde voor, met een sjiek woord, dienst verlenen aan mensen met een verstandelijke beperking. Dat zou ik graag willen. Ik was daarvoor al directeur geweest van de Toneelacademie en wist wat het was om een directeur te zijn. Maar ik wilde graag met mensen werken en voor mensen met een verstandelijke beperking. Daarom heb ik toen bij Jan Baptist gesolliciteerd en ik was heel blij dat ik was aangenomen. Dat was een hele fijne goede tijd. Ik heb er heel lang gewerkt natuurlijk, even kijken ik denk ongeveer 15 jaar. Eerst Jan Baptist en toen Radar en ik heb 15 hele fijne jaren gehad. Ik vond het fijn om voor mensen met een beperking te kijken wat we konden betekenen. Ik vond het ook fijn dat de medewerkers van Radar goed hun werk konden doen. Want als de medewerkers goed hun werk kunnen doen dan zijn de mensen met een verstandelijke beperking, de cliënten ook het gelukkigst. Ik vond het heel fijn, er zijn momenten geweest dat , ik kan zo niet iets herinneren dat er ook wel problemen waren. In het algemeen was het een hele mooie tijd."

Ze was eerst adjunct-directeur en daarna directeur. Nu noemen ze dat bestuurder, dat is hetzelfde als directeur. 

Maria: "Nou ik kan wel de plek zeggen waar ik ben begonnen. Aan het begin van de Kennedybrug in Maastricht daar had je de Prins Hessen Casselstraat. Daar stond een hele grote Villa en daar ben ik begonnen. Dat noemden ze vroeger het centraal bureau. Daar werden wel eens grapjes over gemaakt, omdat ze bij de communisten ook een centraal bureau hadden. Ik hoop niet dat wij zo waren want in Rusland werd van alles van boven af opgelegd. Maar wij wilden graag vanuit het centraal bureau alles goed regelen. We hadden mensen die zorgden voor bijvoorbeeld geld, voor de financiën, salarissen, voor de gebouwen, personeelszaken. Die waren er allemaal, wij zorgden met elkaar dat alle andere medewerkers die bij woonvoorzieningen of in een dagcentrum werkten, goed konden werken en dat de cliënten tevreden waren en goed konden groeien, zich verder konden ontwikkelen."

Maria zegt dat ze ook leuke herinneringen heeft. Wat ze heel leuk vond waren de feesten samen met cliënten. Sommige feesten waren zelfs zo groot dat er dan beroemde artiesten kwamen optreden zoals Beppie Kraft, Frans Theunisz en zelfs Frans Bouwer is ook een keer geweest. Dan was het echt feest en had iedereen heel veel plezier. Maria vond het heel leuk dat iedereen heel blij was en plezier had.

Een andere fijne herinnering die Maria heeft, is toen Jan Baptist en Stichting Welzijnszorg bij elkaar kwamen. Toen mochten alle cliënten een wens doen. Bij elkaar hadden ze zo’n 600 wensen van zo ongeveer 600 cliënten. De ene wens was bijvoorbeeld naar EuroDisney en een andere wens was Andre Rieu ontmoeten. Ook iemand wilde 2 goudvissen of een bruine bank en zo verschilde het allemaal.

Maria: "En toen hebben we met een aantal collega’s en andere vrijwiligers het voor mekaar gekregen dat alle wensen min of meer verwezenlijkt konden worden omdat we wilden vieren dat we samen kwamen en dat wilden laten zien, dat het voor de cliënten belangrijk was.
Toen mocht ik samen met Jochem van Gelder (dat is iemand van de televisie) allemaal wensen uitreiken aan de mensen. Hij was toen heel beroemd, nu wat minder.Toen gingen we de mensen vertellen dat ze naar EuroDisney gingen en een ander kreeg een vissenkom met 2 vissen. Zo hebben we geprobeerd iedereen blij te maken.
Vroeger waren er hele lange wachtlijsten om bij Radar te komen wonen. Soms moesten mensen wel 5 jaar of langer wachten om bij Radar te komen wonen. Dan was het heel fijn als je iemand heel blij kon maken en kon zeggen: "Er is plek voor je en je kan bij ons komen wonen." En ik weet nog een keer dat ik dat kon zeggen aan iemand en toen kwamen de vader en moeder ook mee. Je zag dat de mensen heel blij waren, dat was heel fijn. Of dat we een nieuw wooncentrum hadden gebouwd, daar konden ook weer veel mensen wonen."

Ze heeft ook 2 hele trieste herinneringen. Twee komen in haar op, maar er zullen er vast nog meer zijn. 

  • "Bewoners konden ook op vakantie gaan. Met speciale reizen konden ze inschrijven. Er was een bewoner van woonvorm Scharn die ging op skivakantie en die hield erg veel van wandelen. Toen ze zijn gaan langlaufen, is hij waarschijnlijk op het verkeerde pad terecht gekomen en verdwaald geraakt. Toen hebben ze hem 's avonds gezocht. Ik weet nog dat Guus, het hoofd van Scharn, die belde mij op 's avonds thuis: "Maria, die en die is vermist en ze zijn op zoek." En uiteindelijk hebben ze hem na uren zoeken gevonden. Hij was in een ravijn gevallen en overleden. Dat was heel triest."
  • "En heel veel andere cliënten/bewoners die ziek zijn geworden, die overleden zijn maar ook medewerkers, ook door kanker. Een keer is iemand helaas van een heel hoog dak gesprongen, die was depressief. Dat zijn de trieste dingen die je ook mee maakt. Dat waren de moeilijke dingen die ik als directeur had meegemaakt."

"En je weet ook dat je niet voor alles en iedereen kan zorgen.
Ik vond het natuurlijk moeilijk om bij Radar te stoppen, want Radar was een beetje mijn kindje geworden.
Ik had er heel veel dierbare contacten met bewoners, ouders, met collega’s en vrijwilligers. Maar het was ook goed dat er een nieuwe directeur kwam, want een nieuwe directeur kijkt met een nieuwe bril."

Een frisse wind dus?

"Ja een frisse wind. Iemand moet nooit te lang blijven want 15 jaar is al lang. Maar het was goed, ook voor mij zelf was het goed om weer een hele nieuwe uitdaging aan te gaan, dus het was een beetje moeilijk om afscheid te nemen. Maar ja afscheid... er zijn nog een hele hoop collega’s waar ik bevriend mee ben geraakt en die ik nog regelmatig zie.  Een aantal cliënten ken ik nog goed, ze komen nog bij me op bezoek. Als ik cliënten zie in de stad heb ik daar ook nog heel leuk contact mee.

Nee het was goed. Na zo veel jaren is het goed om te veranderen en ook dat je Radar de kans geeft dat er een frisse wind komt."

  Interview en fotobewerking Emiel de Bruijn

Cliëntenweb, oktober 2021


Reacties (3)

Pluimpje hoor Emiel dit heb je goed geïnterviewd en geschreven.
Anja @ 01 november 2021
Wat een leuk interview Emiel! Fijn om zo nog eens van Maria te horen, doe je haar veel groetjes?
Hilde @ 05 november 2021
Ik wil graag betaalde baan willen gaan doen
Frank heckmans @ 07 november 2021

Reactie toevoegen +